Pokersymposium in Tilburg, 1 maart 2007

Donderdag 1 maart was er een pokersymposium in Tilburg. Het pokersymposium werd gehouden in de Dante zaal van de Universiteit in Tilburg. Er waren drie gastsprekers uitgenodigd. Professor van der Genugten, hoogleraar kansberekeningen statistiek. Professor Dr. Wagenaar, Hoogleraar juridische Psychologie en Marc Naalden, professioneel poker speler.

Voorzitter van de dag was Martijn Paulen. Martijn is tevens voorzitten van de Nederlandse Pokerbond. Hij opende de dag op humoristische wijze en wist het publiek meteen te boeien. Het filmpje met de hand van Negreanu tegen Gus Hansen werd vertoond die aan het pokeren zijn. Hij toonde een tekst afkomstig van de website van het Holland Casino waarin heel duidelijk werd gesteld dat pokeren een behendigheidsspel is. Ook werd de vraag aan het 300 koppige publiek gesteld wie er poker speelt. Opvallend genoeg bleef toch nog een hand of drie omlaag, blijkbaar speelt niet iedereen poker. De eerste spreker werd aangekondigd en de heer van der Genugten ging aan het werk met de overhead projector.

Professor van der Genugten was betrokken bij de processen rond poker in de jaren ’90 en hij is tevens hoogleraar kansberekening en statistiek. Hij opende zijn betoog met het feit dat het interessant was te weten dat de discussie gaat om de juridische kwalificatie van poker als kans- of behendigheidsspel. Waarom is er eigenlijk de Wet op Kansspelen? Die is ontstaan uit een moreelcalvinistische achtergrond. Vanuit de normen en waarden van kerk en samenleving. Tegenwoordig heeft deze wet veel meer een commercieel idee. Denk daarbij aan het monopolie van het HC.

De professor lichtte wat punten uit de wet en gaf daar zijn visie op. De wet heeft het onder andere over “het merendeel van de spelers zich gokkend gedraagt”. Van der Genugten stelt dat bij een kaartspel de volledig gokkende speler niet bestaat. Er is bij kaartspellen ook de ontwikkeling van vaardigheid (skill) en er zijn leermomenten. Bij roulette bijvoorbeeld heb je geen leermomenten en kun je ook geen skill ontwikkelen.

De professor was betrokken bij diverse rechtszaken omtrent “kansspelen” en heeft daarbij met een formule aangetoond of het spel een behendigheidselement bevat. De gebruikte formule is: Skill = Le/(Le+Re) = 0 tot 1 Le = leereffect, Re toevalscomponent.

Le = R (optimaal spel) – R (beginnerspel)

Re = R (fictieve speler) – R (optimale speler)

De behendigheidsgrens ligt bij een uitkomst van 0,10 – 0,20

De volgende rechtszaken hebben de volgende resultaten opgeleverd:

Spelomschrijving Onderzoekstijd Skill
Roulette 1991 0 k
Golden Ten 1991 – 1997 0,01 k
Black Jack 1993 – 2001 0,05 k
Poker 1994 – 2007 0,40 k
Management spelen 2004 – 2005 0,20 b

k=kansspel, b=behendigheidsspel naar het oordeel van de rechter

Opvallend is dat de managementspelen een lagere behendigheidsfactor hebben dan poker en toch als een behendigheidsspel worden aangemerkt en poker niet.

Van der Genugten gebruikte ook nog de term NASH evenwicht; dat is het gemiddelde tussen je optimale strategieën.

Professor van der Genugten neemt afscheid met een quote van Keynes;

“Kans begunstigt alleen de voorbereide geest”

De volgende spreker is professor dr. Wagenaar. Wagenaar is hoogleraar in de juridische psychologie. Ook hij geeft aan dat het bepalen of poker een behendigheids-, dan wel kansspel is, puur een juridische kwestie is. Voor het spelen van het spel zelf maakt het niet uit. De discussie die gevoerd moet worden over de materie wordt echter bemoeilijkt door wat professor Wagenaar noemt “de juridische fictie”.

In de juridische uitspraak omtrent kans en behendigheid wordt gesproken over “overwegende invloed van de spelers op de uitkomst”. Wat is dat? vraagt Wagenaar zich af. Professor Wagenaar gaat hierbij uit van de transititeit en intransititeit.

Transititeit = speler A wint van B, speler B wint van C en dus wint A ook altijd van C

Intransititeit= de invloed van het toeval, hierbij zou C dus wel eens van A kunnen winnen.

Wat is dan de verhouding tussen toeval en skill en over welke tijdsperiode wil je dat gaan uitrekenen? Als voorbeeld nam de professor voetballen. In de eredivisie wordt gekeken naar de resultaten over één jaar. Natuurlijk kan de nummer 18 een wedstrijd winnen van de nummer 1, maar aan het eind van het seizoen zal de nummer 18 nooit kampioen worden en de nummer 1 nooit degraderen. Hoe vertaal je dit naar het pokeren? Praat je over één handje, een seizoen of over een hele carrière zoals bij het schaken? Iedereen weet dat er pokerprofessionals zijn, spelers die op de langere termijn beter blijken dan de andere spelers. Het probleem is dat de wetgeving dit niet wil begrijpen. Hier komt de juridische fictie weer aan bod.

1 Je zou kansspelen helemaal kunnen verbieden, maar dat is maatschappelijk ongewenst. Waarom zouden ze het ook verbieden aangezien de overheid de grootste aanbieder is.

2 Nederland heeft een Calvinistische achtergrond. Uitgangspunt is dat je toekomst niet kan laten bepalen door het lot. De toekomst wordt bepaald door “Onze Lieve Heer” en die mag je niet dwingen.

3 De loterijen zijn ontstaan door de katholieke kerk. Toen de calvinisten het overnamen hebben ze alles van de katholieken overboord gegooid, alleen de loterijen hebben ze gehouden. Dat vonden ze wel interessant. Hierdoor is een soort mechanisme ontstaan: kansspelen zijn ok, mits de opbrengst naar een goed doel gaat.

4 De monopoliepositie. Dit is natuurlijk een krachtig argument om juist te zorgen dat dat nu juist opgeheven wordt. Er zijn volgens professor Wagenaar wel mogelijkheden om poker als behendigheidsspel te laten accepteren, alleen dan moeten er goede juridische argumenten gevonden worden.

De hoogleraar eindigde zijn betoog met een stelling:

De rechter moet er helemaal niet over beslissen. Wij zouden als samenleving die beslissing daar weg moeten halen.

Spreker 3, Marc Naalden

Marc heeft diverse aansprekende resultaten op zijn erelijst staan. De meest recente zijn de overwinning in de heads up tijdens USOP en zijn derde plaats op de EPT in Kopenhagen. Hij opent met de stelling dat de toernooistructuur de mate van het voordeel van behendigheid bepaald. Rustige blinden in een deep stack toernooi zullen er voor zorgen dat de beter spelers komen bovendrijven. Terwijl in een turbo toernooi die aftekening er veel minder duidelijk zal zijn.

Marc gaat uit van een aantal voordelen die je kunt hebben om te zorgen dat je kunt winnen..

Voordeel 1: betere kaarten krijgen

Het hebben van betere kaarten. Als je in een vroege positie zit zal je alleen kunnen spelen met hele goede kaarten. Naarmate je verder in positie zit kun je wat losser worden. Je kunt van tight op de eerste positie naar loose op de button.

Als je speelt om te winnen vergt dat heel veel discipline en veel geduld. Je kan met een veel kleinere handrange spelen als dat je speelt voor je vermaak. Je moet er ook voor zorgen dat je nooit met marginale kaarten in een grote pot terechtkomt als je uit positie bent. Dit is volgens Marc één van de grootste fouten die je kunt maken in toernooispel.

Voordeel 2: positie

Als je tegenstander als eerste moet zetten dan ben jij in het voordeel, dan zit je dus in positie. In positie kun je ook voor zorgen dat je meer geld in de pot krijgt.

Suited connectors zijn makkelijker te spelen in positie dan lage pockets. Ook is natuurlijk je stackgrootte van belang. Speel je tegen een shortstack, dan is er een grotere kans dat die all in gaat.

Voordeel 3: imago

Soms ontstaat een imago vanzelf als je bijvoorbeeld het eerste uur geen handen krijgt. De andere spelers denken dan dat je erg tight bent. Een imago kun je ook zelf creëren door de handen die je speelt. In Kopenhagen had Marc de ideale combinatie. Het eerste uur kreeg hij geen kaarten en daarna ging hij heel agressief stelen en roven. Tegen de tijd dat de rest dat beu was en hem ging callen en raisen, kreeg hij monsters.

Online wordt dat imago bepaald door de software, zoals pokertracker. Je kunt je spel aanpassen aan je imago. Als de software aangeeft dat je tight bent, dan kun je overschakelen naar loose, zodat de andere spelers in verwarring raken.

Voordeel 4: een betere speler zijn na de flop

Hierbij ga je uit van het algemene principe dat je maximaal rendement moet halen op goede handen en minimaal verlies mag lijden bij slechte handen. Simpel gezegd: grote potten met grote handen, kleine potten met kleine handen.

Marc geeft aan dat de implied odds belangrijk zijn voor de afbetaling van je handen. Het inschatten van je implied odds is dan ook een belangrijke inschatting volgens Marc.

Marc legt tussendoor nog even het rekensommetje uit van de outs naar het percentage kans dat je daadwerkelijk de pot gaat winnen: je telt de outs x 4 = %

Voordeel 5: reads – tells

Buiten de persoonsspecifieke tells zijn er wat algemene tells, die vaak wel opgaan. Zo stelt Marc dat een snelle call/check duidt op een draw/slechte hand. In 90% van de keren dat er snel gecalled wordt zit je niet tegen een tophand. Iemand met een tophand zal iets langer tijd nodig hebben om te bepalen hoe hij maximaal rendement kan halen uit zijn hand.

Zelf moet je er voor zorgen dat je geen tells afgeeft. Altijd volgens dezelfde, vaste patronen, spelen. Als een machine als het ware.

Er bestaat een boek, geschreven door de oud FBI agent Joe Navarro ism Phil Helmuth, dat heel diep op dit onderwerp ingaat. Het behandelt de tells van top tot teen en Marc heeft veel aan dat boek gehad.

Howard Lederer heeft ook eens een belangrijke tell verteld. Een speler let niet op het spel, hij is bijvoorbeeld aan het eten of praten met zijn buurman. De dealer of een andere speler moet hem er op attent maken dat hij aan de beurt is. Deze speler zal over het algemeen folden, als hij toch speelt, kun je er van uitgaan dat hij een tophand heeft.

Marc sluit af en voorzitter Paulen bedankt de sprekers. Ruim 600 handen doen hetzelfde in de vorm van en hartelijk applaus. Er is nog even tijd voor wat vragen en de belangrijkste vraag was in de context van het hele verhaal natuurlijk; “Komt er een nieuwe rechtszaak?”

Zowel Wagenaar als van der Genugten zien daar wel mogelijkheden voor. Vooral gezien de uitspraak in de zaak rond de managementspelen is er een nieuwe opening.

Iemand zal echter de kar moeten trekken en een pokercasino gaan openen. Je kunt zelfs hetzelfde spel onder een andere naam aanbieden, omdat er in de wet expliciet over “poker” gesproken wordt. Degene die de kar gaat trekken riskeert natuurlijk wel een veroordeling en gevangenisstraf. Ook heb je een hele goede advocaat nodig voor de rechtszaak. Nogmaals geven beide heren aan dat er openingen zijn..

Beide professoren eindigen met een duidelijke stelling:

Poker is een behendigheidsspel en kan niet als kansspel aangemerkt worden.